In juli start de promotie voor het Kinderboekenweekproject 2010. Ku+Cu ontwikkelt dit project in samenwerking met het Bibliocenter, het Gemeentemuseum en Rick. Het thema voor de Kinderboekenweek, die loopt van 6 t/m 16 oktober, is 'Beeldverhalen in kinderboeken'. Het project bestaat uit een basisproject met een aanvulling van alle disciplines: beeldend, dans, literatuur, muziek en toneel.
Het Kinderboekenweekproject kan schoolbreed uitgevoerd worden, er is een programma voor alle niveaus. In het basisproject krijgen alle groepen twee activiteiten aangeboden uit verschillende disciplines. De indeling van dit basisproject ziet er als volgt uit: Groep 1-2 cultureel erfgoed & toneel Groep 3-4 dans & beeldend Groep 5-6 muziek & beeldend Groep 7-8 literatuur & dans
Groep 1-2 Het boek Juffrouw Spits van de Weerter schrijver Piet Broos loopt als rode draad door dit onderdeel. Het Gemeentemuseum ontvangt de kinderen op het stadhuis. Daar leidt Juffrouw Spits de kinderen langs het (vergrote) beeldverhaal en vertelt ze over haar avonturen. Bij toneel spelen de kinderen zelf scènes uit het verhaal van Juffrouw Spits. Het fenomeen beweging, het verplaatsen per fiets, trein of vliegtuig en de emoties die in het verhaal spelen zijn uitgangspunten in deze geleide verkenning.
Groep 3-4
Het boek ‘De Stip’ is het uitgangspunt voor dit niveau. Het boek vertelt het verhaal van een kind dat denkt niet te kunnen tekenen. De strekking van het verhaal is dat alles goed is wat je doet, een enkele stip kan tot een prachtig resultaat leiden. De kinderen krijgen een beeldende workshop waarin de beeldelementen stip, lijn, vlak en kleur de basis vormen. Het pointillisme komt ter sprake en stippen en strepen zijn de basis van het verhaal dat in kleine groepen wordt gemaakt en verbeeldt. De tweede discipline is dans. Ook hier wordt vanuit de stip gewerkt, onder andere met stippenmateriaal van klein naar groot. Er wordt een stippendans door de kinderen gemaakt waarbij de bewegingen zelf worden bedacht. De moraal van het verhaal komt hier duidelijk terug.
Groep 5-6
Het stripverhaal staat in het middelpunt. Inleiding is de kennismaking met Carel Visser, een Nederlandse beeldhouwer die ook in het platte vlak werkt, vaak met de collagetechniek. Vanuit die techniek wordt in de beeldend workshop een eigen stripverhaal gemaakt. Elk stripverhaal bestaat uit 5 collages die gezamenlijk het beeldverhaal vormen. In de muziekworkshop wordt het stripverhaal van de beeldende workshop gebruikt en verder uitgediept. Kinderen maken kennis met een partituur die is geschreven in een grafische, bijna cartoon-achtige notatie. Het is een combinatie van woorden, tekeningen en abstracte vormen geplaatst op drie lijnen. Het zelfgemaakte stripverhaal wordt omgezet in een klankverhaal. Bij het verhaal worden klanken bedacht en uitgevoerd onder begeleiding van een zangdocent.
Groep 7-8 ‘Van techniek naar beeld’ is de eerste stap op dit niveau. Bibliocenter leidt de kinderen door een expositie van 17 technieken die gebruikt kunnen worden om een beeldverhaal vorm te geven. Los van het verhaal geven deze beelden een heel andere indruk. Er zijn opdrachten die zowel in het Bibliocenter als op school kunnen worden uitgevoerd. In de dansworkshop is ‘Van beeld naar beweging’ de leidraad. Aan de hand van illustraties uit boeken word een eigen verhaal gemaakt waarbij de kinderen zelf de bewegingen uitwerken. Er ontstaat een choreografie die samen uitgevoerd kan worden.
Naast dit basisproject wordt het lesmateriaal voor alle groepen aangevuld met de ontbrekende disciplines. Dit aanvullende materiaal is optioneel en door de leerkracht zelf op school uit te voeren. Een school kan het hele project inkopen of onderdelen ervan. Het project wordt professioneel uitgevoerd. Het lesmateriaal wordt in een handzaam koffertje aan de basisscholen aangeboden en blijft ook na de Kinderboekenweek actueel.
|